Zeilmakerij van vroeger
Onlangs ben ik met mijn gezin naar de voormalige Zuiderzeestad Enkhuizen afgereisd en een bezoekje aan het Zuiderzeemuseum mocht natuurlijk niet ontbreken. Het was prachtig om te zien hoe onze landgenoten honderd jaar geleden leefden. Veel oude beroepen kwamen aan bod, zo konden we een kijkje nemen in een oude zeilmakerij. Dit wekte natuurlijk gelijk mijn interesse. Er stond een grote ketel op het vuur waarin ze de zogenoemde taan aan het bereiden waren. Nu wist ik al wel dat het tanen van bijvoorbeeld zeilen werd gedaan om het materiaal te conserveren, maar veel meer wist ik niet, terwijl dit nu mijn vakgebied is. Daarom ben ik me maar eens gaan verdiepen in het tanen.
Wat is tanen?
Volgens Wikipedia betekent tanen: ‘het conserveren van katoenen visnet, zeil of touw.’ Dit deed men vroeger om verrotting door schimmel en bacteriën tegen te gaan. Het touwwerk, de netten en de zeilen uit die tijd waren van plantaardig materiaal gemaakt zoals vlas, katoen, hennep, zijde manilla of sisal. Aangezien dit materiaal bij hoge watertemperaturen snel rot, hadden de vissers een uitstekende oplossing voor dit probleem bedacht: tanen.
Roodbruine kleur
Een keer per jaar, als de netten weer terug in de schuur moesten, werden ze van een teren laagje voorzien: het tanen. De levensduur van de netten werd hierdoor met minstens tien jaar verlengd. Dit onderhoudsproces vond een keer per jaar plaats, omstreeks de maand mei. De zogenoemde taan had zijn roodbruine kleur te danken aan de toevoeging van koperrood (ijzersulfaat). Andere soorten taan werden gemaakt van bruine teer, cachou, caoutchouc of guttapercha.